Woordenlijst
Ests – Werkwoorden oefenen
monitoren
Alles wordt hier door camera’s gemonitord.
schrijven
Hij schrijft een brief.
antwoorden
De student beantwoordt de vraag.
voltooien
Hij voltooit elke dag zijn jogroute.
gemakkelijk gaan
Surfen gaat hem gemakkelijk af.
samenwerken
We werken samen als een team.
bereiden
Ze bereidt een taart.
schrijven op
De kunstenaars hebben op de hele muur geschreven.
bezitten
Ik bezit een rode sportwagen.
doorrijden
De auto rijdt door een boom.
ondertekenen
Hij ondertekende het contract.