Woordenlijst
Portugees (PT) – Werkwoorden oefenen
hangen
De hangmat hangt aan het plafond.
aannemen
De sollicitant werd aangenomen.
sprakeloos maken
De verrassing maakt haar sprakeloos.
willen
Hij wil te veel!
brengen
De koerier brengt een pakketje.
oefenen
De vrouw beoefent yoga.
uitleggen
Ze legt hem uit hoe het apparaat werkt.
verhogen
Het bedrijf heeft zijn omzet verhoogd.
tentoonstellen
Hier wordt moderne kunst tentoongesteld.
terugnemen
Het apparaat is defect; de winkelier moet het terugnemen.
mengen
Je kunt een gezonde salade met groenten mengen.