Woordenlijst
Amharisch – Werkwoorden oefenen
spelen
Het kind speelt liever alleen.
doen voor
Ze willen iets voor hun gezondheid doen.
bedanken
Ik bedank je er heel erg voor!
naar buiten rennen
Ze rent met de nieuwe schoenen naar buiten.
liegen
Hij liegt vaak als hij iets wil verkopen.
uitgaan
De kinderen willen eindelijk naar buiten.
verbranden
Je moet geen geld verbranden.
rijden
Kinderen rijden graag op fietsen of steps.
branden
Het vlees mag niet branden op de grill.
verbonden zijn
Alle landen op aarde zijn met elkaar verbonden.
horen
Ik kan je niet horen!