Woordenlijst
Amharisch – Werkwoorden oefenen
zitten
Ze zit bij de zee tijdens zonsondergang.
omdraaien
Je moet hier de auto omdraaien.
opletten
Men moet opletten voor de verkeersborden.
spreken
Men moet niet te luid spreken in de bioscoop.
opletten
Men moet opletten voor de verkeerstekens.
redden
De dokters konden zijn leven redden.
importeren
We importeren fruit uit veel landen.
rondreizen
Ik heb veel rond de wereld gereisd.
missen
Ik zal je zo erg missen!
overtuigen
Ze moet haar dochter vaak overtuigen om te eten.
weggooien
Deze oude rubberen banden moeten apart worden weggegooid.