Woordenlijst
Leer werkwoorden – Engels (US)
dispose
These old rubber tires must be separately disposed of.
weggooien
Deze oude rubberen banden moeten apart worden weggegooid.
underline
He underlined his statement.
onderstrepen
Hij onderstreepte zijn uitspraak.
train
The dog is trained by her.
trainen
De hond wordt door haar getraind.
take care
Our son takes very good care of his new car.
zorgen voor
Onze zoon zorgt heel goed voor zijn nieuwe auto.
sound
Her voice sounds fantastic.
klinken
Haar stem klinkt fantastisch.
burn
The meat must not burn on the grill.
branden
Het vlees mag niet branden op de grill.
see
You can see better with glasses.
zien
Je kunt beter zien met een bril.
repeat
My parrot can repeat my name.
herhalen
Mijn papegaai kan mijn naam herhalen.
carry
The donkey carries a heavy load.
dragen
De ezel draagt een zware last.
go bankrupt
The business will probably go bankrupt soon.
failliet gaan
Het bedrijf gaat waarschijnlijk binnenkort failliet.
handle
One has to handle problems.
omgaan
Men moet met problemen omgaan.