Woordenlijst

Leer werkwoorden – Afrikaans

cms/verbs-webp/97119641.webp
verf
Die motor word blou geverf.
schilderen
De auto wordt blauw geschilderd.
cms/verbs-webp/6307854.webp
kom na jou toe
Geluk kom na jou toe.
naar je toekomen
Het geluk komt naar je toe.
cms/verbs-webp/40477981.webp
bekend wees met
Sy is nie bekend met elektrisiteit nie.
bekend zijn met
Ze is niet bekend met elektriciteit.
cms/verbs-webp/79404404.webp
nodig hê
Ek’s dors, ek het water nodig!
nodig hebben
Ik heb dorst, ik heb water nodig!
cms/verbs-webp/74908730.webp
veroorsaak
Te veel mense veroorsaak vinnig chaos.
veroorzaken
Te veel mensen veroorzaken snel chaos.
cms/verbs-webp/130814457.webp
voeg by
Sy voeg ’n bietjie melk by die koffie.
toevoegen
Ze voegt wat melk toe aan de koffie.
cms/verbs-webp/123619164.webp
swem
Sy swem gereeld.
zwemmen
Ze zwemt regelmatig.
cms/verbs-webp/82845015.webp
meld aan
Almal aan boord meld by die kaptein aan.
melden
Iedereen aan boord meldt zich bij de kapitein.
cms/verbs-webp/81885081.webp
brand
Hy het ’n lucifer gebrand.
aansteken
Hij stak een lucifer aan.
cms/verbs-webp/113136810.webp
stuur af
Hierdie pakkie sal binnekort afgestuur word.
versturen
Dit pakket wordt binnenkort verstuurd.
cms/verbs-webp/84314162.webp
uitsprei
Hy sprei sy arms wyd uit.
uitspreiden
Hij spreidt zijn armen wijd uit.
cms/verbs-webp/117897276.webp
ontvang
Hy het ’n verhoging van sy baas ontvang.
ontvangen
Hij ontving een loonsverhoging van zijn baas.