Woordenlijst
Turks – Werkwoorden oefenen
schoppen
In vechtsporten moet je goed kunnen schoppen.
mengen
Ze mengt een vruchtensap.
springen
Hij sprong in het water.
aanzetten
Zet de TV aan!
praten met
Iemand zou met hem moeten praten; hij is zo eenzaam.
omarmen
De moeder omarmt de kleine voetjes van de baby.
meedenken
Je moet meedenken bij kaartspellen.
toestaan
Men mag depressie niet toestaan.
arriveren
De taxi’s zijn bij de halte gearriveerd.
aanbieden
Wat bied je me aan voor mijn vis?
open laten
Wie de ramen open laat, nodigt inbrekers uit!