Woordenlijst
Bulgaars – Werkwoorden oefenen
wegrijden
Toen het licht veranderde, reden de auto’s weg.
uitleggen
Opa legt de wereld uit aan zijn kleinzoon.
wijken
Veel oude huizen moeten wijken voor de nieuwe.
binnenlaten
Buiten sneeuwde het en we lieten ze binnen.
geïnteresseerd zijn
Ons kind is erg geïnteresseerd in muziek.
opletten
Men moet opletten voor de verkeerstekens.
verhuizen
De buurman verhuist.
ontmoeten
De vrienden ontmoetten elkaar voor een gezamenlijk diner.
mengen
De schilder mengt de kleuren.
uitgeven
Ze heeft al haar geld uitgegeven.
lezen
Ik kan niet zonder bril lezen.