Woordenlijst
Hebreeuws – Werkwoorden oefenen
stoppen
Ik wil nu stoppen met roken!
sparen
Mijn kinderen hebben hun eigen geld gespaard.
lezen
Ik kan niet zonder bril lezen.
genoeg zijn
Dat is genoeg, je irriteert!
aanzetten
Zet de TV aan!
pronken
Hij pronkt graag met zijn geld.
opmerken
Wie iets weet, mag in de klas opmerken.
verwijzen
De leraar verwijst naar het voorbeeld op het bord.
kijken
Iedereen kijkt naar hun telefoons.
ontwikkelen
Ze ontwikkelen een nieuwe strategie.
uitknippen
De vormen moeten worden uitgeknipt.