Woordenlijst
Oekraïens – Werkwoorden oefenen
missen
De man heeft zijn trein gemist.
naar huis rijden
Na het winkelen rijden de twee naar huis.
opzij zetten
Ik wil elke maand wat geld opzij zetten voor later.
volgen
Mijn hond volgt me als ik jog.
elkaar aankijken
Ze keken elkaar lang aan.
vergelijken
Ze vergelijken hun cijfers.
mengen
Ze mengt een vruchtensap.
samenkomen
Het is fijn als twee mensen samenkomen.
branden
Er brandt een vuur in de open haard.
ontvangen
Ik kan zeer snel internet ontvangen.
werken
De motorfiets is kapot; hij werkt niet meer.