Woordenlijst
Roemeens – Werkwoorden oefenen
ondernemen
Ik heb veel reizen ondernomen.
hangen
De hangmat hangt aan het plafond.
bouwen
Wanneer werd de Chinese Muur gebouwd?
opmerken
Wie iets weet, mag in de klas opmerken.
stoppen
Hij stopte met zijn baan.
vernieuwen
De schilder wil de muurkleur vernieuwen.
verspillen
Energie mag niet verspild worden.
mengen
Verschillende ingrediënten moeten worden gemengd.
werken
Ze werkt beter dan een man.
testen
De auto wordt in de werkplaats getest.
studeren
Er studeren veel vrouwen aan mijn universiteit.