Woordenlijst
Koreaans – Werkwoorden oefenen
binnenkomen
Kom binnen!
wijken
Veel oude huizen moeten wijken voor de nieuwe.
drukken
Boeken en kranten worden gedrukt.
voelen
De moeder voelt veel liefde voor haar kind.
negeren
Het kind negeert de woorden van zijn moeder.
voltooien
Kun je de puzzel voltooien?
kwaadspreken
De klasgenoten spreken kwaad over haar.
schoonmaken
De werker maakt het raam schoon.
liegen
Hij liegt vaak als hij iets wil verkopen.
vertalen
Hij kan tussen zes talen vertalen.
denken
Ze moet altijd aan hem denken.