Woordenlijst
Urdu – Werkwoorden oefenen
drukken
Boeken en kranten worden gedrukt.
wassen
De moeder wast haar kind.
binnenlaten
Men moet nooit vreemden binnenlaten.
becommentariëren
Hij becommentarieert elke dag de politiek.
bedekken
Ze heeft het brood met kaas bedekt.
eten
De kippen eten de granen.
draaien
Ze draait het vlees.
springen
Hij sprong in het water.
gaan
Waar gaan jullie beiden heen?
belonen
Hij werd beloond met een medaille.
aankomen
Hij kwam net op tijd aan.