Woordenlijst
Duits – Werkwoorden oefenen
ontdekken
De zeelieden hebben een nieuw land ontdekt.
testen
De auto wordt in de werkplaats getest.
uitsluiten
De groep sluit hem uit.
negeren
Het kind negeert de woorden van zijn moeder.
hangen
De hangmat hangt aan het plafond.
de weg terugvinden
Ik kan de weg terug niet vinden.
aanzetten
Zet de TV aan!
smaken
Dit smaakt echt goed!
zoeken naar
De politie zoekt naar de dader.
leren kennen
Vreemde honden willen elkaar leren kennen.
investeren
Waar moeten we ons geld in investeren?