Woordenlijst
Arabisch – Werkwoorden oefenen
doen
Dat had je een uur geleden moeten doen!
openen
Het festival werd geopend met vuurwerk.
uitleggen
Opa legt de wereld uit aan zijn kleinzoon.
terugkeren
De vader is teruggekeerd uit de oorlog.
verkennen
Mensen willen Mars verkennen.
gebeuren
Er is iets ergs gebeurd.
verkiezen
Veel kinderen verkiezen snoep boven gezonde dingen.
verhuren
Hij verhuurt zijn huis.
doorkomen
Het water was te hoog; de truck kon er niet doorheen.
redden
De dokters konden zijn leven redden.
verdragen
Ze kan de pijn nauwelijks verdragen!