Woordenlijst
Pools – Werkwoorden oefenen
gemakkelijk gaan
Surfen gaat hem gemakkelijk af.
lukken
Deze keer is het niet gelukt.
omarmen
De moeder omarmt de kleine voetjes van de baby.
vragen
Mijn kleinkind vraagt veel van mij.
studeren
De meisjes studeren graag samen.
opschrijven
Je moet het wachtwoord opschrijven!
ontslaan
De baas heeft hem ontslagen.
vertellen
Ze vertelde me een geheim.
opschrijven
Ze wil haar zakelijk idee opschrijven.
denken
Ze moet altijd aan hem denken.
uitleggen
Ze legt hem uit hoe het apparaat werkt.