Woordenlijst

Leer bijwoorden – Pools

cms/adverbs-webp/29115148.webp
ale
Dom jest mały, ale romantyczny.
maar
Het huis is klein maar romantisch.
cms/adverbs-webp/73459295.webp
też
Pies też może siedzieć przy stole.
ook
De hond mag ook aan tafel zitten.
cms/adverbs-webp/128130222.webp
razem
Uczymy się razem w małej grupie.
samen
We leren samen in een kleine groep.
cms/adverbs-webp/67795890.webp
do
Skaczą do wody.
in
Ze springen in het water.
cms/adverbs-webp/134906261.webp
już
Dom jest już sprzedany.
al
Het huis is al verkocht.
cms/adverbs-webp/46438183.webp
wcześniej
Była grubsza wcześniej niż teraz.
voor
Ze was voorheen dikker dan nu.
cms/adverbs-webp/172832880.webp
bardzo
Dziecko jest bardzo głodne.
erg
Het kind is erg hongerig.
cms/adverbs-webp/178180190.webp
tam
Idź tam, potem zapytaj jeszcze raz.
daar
Ga daarheen, vraag dan opnieuw.
cms/adverbs-webp/162590515.webp
dosyć
Ona chce spać i ma dosyć hałasu.
genoeg
Ze wil slapen en heeft genoeg van het lawaai.
cms/adverbs-webp/135007403.webp
w
Czy on wchodzi do środka czy wychodzi?
in
Gaat hij naar binnen of naar buiten?
cms/adverbs-webp/123249091.webp
razem
Obaj lubią razem się bawić.
samen
De twee spelen graag samen.
cms/adverbs-webp/155080149.webp
dlaczego
Dzieci chcą wiedzieć, dlaczego wszystko jest takie, jakie jest.
waarom
Kinderen willen weten waarom alles is zoals het is.