Woordenlijst
Tsjechisch – Werkwoorden oefenen
naar huis rijden
Na het winkelen rijden de twee naar huis.
produceren
Men kan goedkoper produceren met robots.
opschrijven
Je moet het wachtwoord opschrijven!
ontslaan
De baas heeft hem ontslagen.
uitoefenen
Ze oefent een ongewoon beroep uit.
updaten
Tegenwoordig moet je je kennis voortdurend updaten.
leren kennen
Vreemde honden willen elkaar leren kennen.
ziektebriefje halen
Hij moet een ziektebriefje halen bij de dokter.
overrijden
Helaas worden er nog veel dieren overreden door auto’s.
slaan
Ouders zouden hun kinderen niet moeten slaan.
besparen
Je bespaart geld als je de kamertemperatuur verlaagt.