Woordenlijst
Japans – Werkwoorden oefenen
verliezen
Wacht, je hebt je portemonnee verloren!
opschrijven
Ze wil haar zakelijk idee opschrijven.
voorzien
Strandstoelen worden voor de vakantiegangers voorzien.
zoeken
Ik zoek paddenstoelen in de herfst.
naar buiten willen
Het kind wil naar buiten.
creëren
Hij heeft een model voor het huis gecreëerd.
vertellen
Ze vertelt haar een geheim.
begrijpen
Men kan niet alles over computers begrijpen.
binnenkomen
Kom binnen!
produceren
We produceren onze eigen honing.
nodig hebben
Je hebt een krik nodig om een band te verwisselen.