Woordenlijst
Russisch – Werkwoorden oefenen
naar beneden kijken
Ik kon vanuit het raam naar het strand beneden kijken.
terechtkomen
Hoe zijn we in deze situatie terechtgekomen?
verkennen
Mensen willen Mars verkennen.
bekritiseren
De baas bekritiseert de werknemer.
durven
Ze durfden uit het vliegtuig te springen.
deelnemen
Hij neemt deel aan de race.
thuiskomen
Papa is eindelijk thuisgekomen!
schoppen
Pas op, het paard kan schoppen!
beschadigen
Twee auto’s raakten beschadigd bij het ongeluk.
trekken
Hij trekt de slee.
reizen
Hij reist graag en heeft veel landen gezien.