Woordenlijst

Leer werkwoorden – Engels (UK)

cms/verbs-webp/115207335.webp
open
The safe can be opened with the secret code.
openen
De kluis kan worden geopend met de geheime code.
cms/verbs-webp/110233879.webp
create
He has created a model for the house.
creëren
Hij heeft een model voor het huis gecreëerd.
cms/verbs-webp/51465029.webp
run slow
The clock is running a few minutes slow.
achterlopen
De klok loopt een paar minuten achter.
cms/verbs-webp/82669892.webp
go
Where are you both going?
gaan
Waar gaan jullie beiden heen?
cms/verbs-webp/74908730.webp
cause
Too many people quickly cause chaos.
veroorzaken
Te veel mensen veroorzaken snel chaos.
cms/verbs-webp/124053323.webp
send
He is sending a letter.
sturen
Hij stuurt een brief.
cms/verbs-webp/97593982.webp
prepare
A delicious breakfast is prepared!
bereiden
Er wordt een heerlijk ontbijt bereid!
cms/verbs-webp/113415844.webp
leave
Many English people wanted to leave the EU.
verlaten
Veel Engelsen wilden de EU verlaten.
cms/verbs-webp/118765727.webp
burden
Office work burdens her a lot.
belasten
Kantoorwerk belast haar erg.
cms/verbs-webp/131098316.webp
marry
Minors are not allowed to be married.
trouwen
Minderjarigen mogen niet trouwen.
cms/verbs-webp/121180353.webp
lose
Wait, you’ve lost your wallet!
verliezen
Wacht, je hebt je portemonnee verloren!
cms/verbs-webp/36190839.webp
fight
The fire department fights the fire from the air.
bestrijden
De brandweer bestrijdt het vuur vanuit de lucht.