Woordenlijst

Leer werkwoorden – Italiaans

cms/verbs-webp/86583061.webp
pagare
Ha pagato con carta di credito.
betalen
Ze betaalde met een creditcard.
cms/verbs-webp/100011426.webp
influenzare
Non lasciarti influenzare dagli altri!
beïnvloeden
Laat je niet door anderen beïnvloeden!
cms/verbs-webp/123367774.webp
ordinare
Ho ancora molti documenti da ordinare.
sorteren
Ik heb nog veel papieren te sorteren.
cms/verbs-webp/86996301.webp
difendere
I due amici vogliono sempre difendersi a vicenda.
opkomen voor
De twee vrienden willen altijd voor elkaar opkomen.
cms/verbs-webp/120452848.webp
conoscere
Lei conosce molti libri quasi a memoria.
kennen
Ze kent veel boeken bijna uit haar hoofd.
cms/verbs-webp/122010524.webp
intraprendere
Ho intrapreso molti viaggi.
ondernemen
Ik heb veel reizen ondernomen.
cms/verbs-webp/74119884.webp
aprire
Il bambino sta aprendo il suo regalo.
openen
Het kind opent zijn cadeau.
cms/verbs-webp/124545057.webp
ascoltare
I bambini amano ascoltare le sue storie.
luisteren naar
De kinderen luisteren graag naar haar verhalen.
cms/verbs-webp/8482344.webp
baciare
Lui bacia il bambino.
kussen
Hij kust de baby.
cms/verbs-webp/35862456.webp
iniziare
Una nuova vita inizia con il matrimonio.
beginnen
Een nieuw leven begint met een huwelijk.
cms/verbs-webp/23468401.webp
fidanzarsi
Si sono fidanzati in segreto!
verloven
Ze hebben stiekem verloofd!
cms/verbs-webp/35071619.webp
passare accanto
I due si passano accanto.
voorbijgaan
De twee lopen elkaar voorbij.