Woordenlijst
Fins – Werkwoorden oefenen
rinkelen
Hoor je de bel rinkelen?
ontslaan
Mijn baas heeft me ontslagen.
uitleggen
Opa legt de wereld uit aan zijn kleinzoon.
afscheid nemen
De vrouw neemt afscheid.
verliezen
Wacht, je hebt je portemonnee verloren!
investeren
Waar moeten we ons geld in investeren?
overweg kunnen
Stop met ruziën en kunnen jullie eindelijk met elkaar overweg!
houden van
Ze houdt echt veel van haar paard.
bereiden
Ze bereiden een heerlijke maaltijd.
vertellen
Ze vertelde me een geheim.
stoppen
Je moet stoppen bij het rode licht.