Woordenlijst
Leer werkwoorden – Engels (US)
exist
Dinosaurs no longer exist today.
bestaan
Dinosaurussen bestaan tegenwoordig niet meer.
speak
He speaks to his audience.
spreken
Hij spreekt tot zijn publiek.
must
He must get off here.
moeten
Hij moet hier uitstappen.
close
She closes the curtains.
sluiten
Ze sluit de gordijnen.
update
Nowadays, you have to constantly update your knowledge.
updaten
Tegenwoordig moet je je kennis voortdurend updaten.
cover
The child covers its ears.
bedekken
Het kind bedekt zijn oren.
refuse
The child refuses its food.
weigeren
Het kind weigert zijn eten.
snow
It snowed a lot today.
sneeuwen
Het heeft vandaag veel gesneeuwd.
save
The girl is saving her pocket money.
sparen
Het meisje spaart haar zakgeld.
mix
She mixes a fruit juice.
mengen
Ze mengt een vruchtensap.
answer
The student answers the question.
antwoorden
De student beantwoordt de vraag.