Woordenlijst
Leer werkwoorden – Engels (US)
carry
The donkey carries a heavy load.
dragen
De ezel draagt een zware last.
destroy
The files will be completely destroyed.
vernietigen
De bestanden worden volledig vernietigd.
discuss
They discuss their plans.
bespreken
Ze bespreken hun plannen.
touch
He touched her tenderly.
aanraken
Hij raakte haar teder aan.
allow
One should not allow depression.
toestaan
Men mag depressie niet toestaan.
look forward
Children always look forward to snow.
verheugen
Kinderen verheugen zich altijd op sneeuw.
undertake
I have undertaken many journeys.
ondernemen
Ik heb veel reizen ondernomen.
check
The mechanic checks the car’s functions.
controleren
De monteur controleert de functies van de auto.
go
Where are you both going?
gaan
Waar gaan jullie beiden heen?
restrict
Should trade be restricted?
beperken
Moet handel worden beperkt?
report
She reports the scandal to her friend.
melden
Ze meldt het schandaal aan haar vriendin.