Woordenlijst
Engels (US) – Bijwoordenoefening
een beetje
Ik wil een beetje meer.
bijna
Het is bijna middernacht.
meer
Oudere kinderen krijgen meer zakgeld.
lang
Ik moest lang in de wachtkamer wachten.
altijd
Hier was altijd een meer.
daar
Het doel is daar.
opnieuw
Hij schrijft alles opnieuw.
ooit
Heb je ooit al je geld aan aandelen verloren?
maar
Het huis is klein maar romantisch.
al
Het huis is al verkocht.
ook
Haar vriendin is ook dronken.