Woordenlijst
Afrikaans – Bijwoordenoefening
nergens
Deze sporen leiden naar nergens.
waarom
Kinderen willen weten waarom alles is zoals het is.
gisteren
Het regende hard gisteren.
daar
Ga daarheen, vraag dan opnieuw.
bijvoorbeeld
Hoe vind je deze kleur, bijvoorbeeld?
altijd
Hier was altijd een meer.
samen
De twee spelen graag samen.
te veel
Het werk wordt me te veel.
nooit
Ga nooit met schoenen aan naar bed!
te veel
Hij heeft altijd te veel gewerkt.
vaak
Tornado‘s worden niet vaak gezien.