Woordenlijst
Urdu – Bijwoordenoefening
voor
Ze was voorheen dikker dan nu.
erg
Het kind is erg hongerig.
al
Hij slaapt al.
iets
Ik zie iets interessants!
ook
Haar vriendin is ook dronken.
daar
Het doel is daar.
gisteren
Het regende hard gisteren.
naar beneden
Ze springt naar beneden in het water.
de hele dag
De moeder moet de hele dag werken.
te veel
Het werk wordt me te veel.
ergens
Een konijn heeft zich ergens verstopt.