Woordenlijst
Macedonisch – Bijwoordenoefening
nu
Moet ik hem nu bellen?
in
De twee komen binnen.
daar
Het doel is daar.
misschien
Ze wil misschien in een ander land wonen.
voor
Ze was voorheen dikker dan nu.
genoeg
Ze wil slapen en heeft genoeg van het lawaai.
opnieuw
Hij schrijft alles opnieuw.
ook
De hond mag ook aan tafel zitten.
al
Het huis is al verkocht.
bijvoorbeeld
Hoe vind je deze kleur, bijvoorbeeld?
‘s ochtends
‘s Ochtends heb ik veel stress op het werk.