Woordenlijst
Italiaans – Bijwoordenoefening
nooit
Ga nooit met schoenen aan naar bed!
bijna
Ik raakte bijna!
al
Het huis is al verkocht.
ergens
Een konijn heeft zich ergens verstopt.
veel
Ik lees inderdaad veel.
de hele dag
De moeder moet de hele dag werken.
samen
We leren samen in een kleine groep.
bijna
Het is bijna middernacht.
ooit
Heb je ooit al je geld aan aandelen verloren?
iets
Ik zie iets interessants!
vaak
Tornado‘s worden niet vaak gezien.