Woordenlijst
Deens – Werkwoorden oefenen
vermelden
De baas vermeldde dat hij hem zal ontslaan.
verwijderen
Onkruid moet verwijderd worden.
draaien
Je mag naar links draaien.
investeren
Waar moeten we ons geld in investeren?
belasten
Bedrijven worden op verschillende manieren belast.
voorzien
Strandstoelen worden voor de vakantiegangers voorzien.
uit elkaar halen
Onze zoon haalt alles uit elkaar!
slagen
De studenten zijn geslaagd voor het examen.
klinken
Haar stem klinkt fantastisch.
oefenen
De vrouw beoefent yoga.
vernieuwen
De schilder wil de muurkleur vernieuwen.