Woordenlijst
Leer bijwoorden – Deens
for eksempel
Hvad synes du om denne farve, for eksempel?
bijvoorbeeld
Hoe vind je deze kleur, bijvoorbeeld?
altid
Der var altid en sø her.
altijd
Hier was altijd een meer.
lige
Hun vågnede lige.
net
Ze is net wakker geworden.
for meget
Arbejdet bliver for meget for mig.
te veel
Het werk wordt me te veel.
noget
Jeg ser noget interessant!
iets
Ik zie iets interessants!
gratis
Solenergi er gratis.
gratis
Zonne-energie is gratis.
i
Går han ind eller ud?
in
Gaat hij naar binnen of naar buiten?
sammen
Vi lærer sammen i en lille gruppe.
samen
We leren samen in een kleine groep.
aldrig
Gå aldrig i seng med sko på!
nooit
Ga nooit met schoenen aan naar bed!
meget
Barnet er meget sultent.
erg
Het kind is erg hongerig.
næsten
Tanken er næsten tom.
bijna
De tank is bijna leeg.