Woordenlijst
Indonesisch – Werkwoorden oefenen
leiden
Hij leidt graag een team.
achterlaten
Ze liet een stuk pizza voor me achter.
gaan
Waar gaan jullie beiden heen?
dienen
Honden dienen graag hun baasjes.
vormen
We vormen samen een goed team.
gebeuren
Vreemde dingen gebeuren in dromen.
rondkomen
Ze moet rondkomen met weinig geld.
uitsluiten
De groep sluit hem uit.
stoppen
De agente stopt de auto.
verbonden zijn
Alle landen op aarde zijn met elkaar verbonden.
trouwen
Minderjarigen mogen niet trouwen.