Woordenlijst
Turks – Werkwoorden oefenen
vernielen
De tornado vernielt veel huizen.
uitzetten
Ze zet de wekker uit.
teruggaan
Hij kan niet alleen teruggaan.
ter sprake brengen
Hoe vaak moet ik dit argument ter sprake brengen?
open laten
Wie de ramen open laat, nodigt inbrekers uit!
wegjagen
De ene zwaan jaagt de andere weg.
evalueren
Hij evalueert de prestaties van het bedrijf.
luisteren naar
De kinderen luisteren graag naar haar verhalen.
voor laten
Niemand wil hem voor laten gaan bij de kassa van de supermarkt.
vertalen
Hij kan tussen zes talen vertalen.
bezoeken
Ze bezoekt Parijs.