Woordenlijst
Afrikaans – Werkwoorden oefenen
bestrijden
De brandweer bestrijdt het vuur vanuit de lucht.
weggeven
Ze geeft haar hart weg.
misgaan
Alles gaat vandaag mis!
publiceren
Reclame wordt vaak in kranten gepubliceerd.
delen
We moeten leren onze rijkdom te delen.
opletten
Men moet opletten voor de verkeersborden.
bevorderen
We moeten alternatieven voor autoverkeer bevorderen.
kijken
Ze kijkt door een gat.
teruggeven
De leraar geeft de essays terug aan de studenten.
ter beschikking hebben
Kinderen hebben alleen zakgeld ter beschikking.
plezier hebben
We hebben veel plezier gehad op de kermis!