Woordenlijst

Leer werkwoorden – Esperanto

cms/verbs-webp/122290319.webp
rezervi
Mi volas rezervi iom da mono por poste ĉiu monato.
opzij zetten
Ik wil elke maand wat geld opzij zetten voor later.
cms/verbs-webp/33599908.webp
servi
Hundoj ŝatas servi siajn posedantojn.
dienen
Honden dienen graag hun baasjes.
cms/verbs-webp/106725666.webp
kontroli
Li kontrolas kiu loĝas tie.
controleren
Hij controleert wie daar woont.
cms/verbs-webp/104476632.webp
lavi
Mi ne ŝatas lavi la telerojn.
afwassen
Ik hou niet van afwassen.
cms/verbs-webp/98977786.webp
nomi
Kiom da landoj vi povas nomi?
noemen
Hoeveel landen kun je noemen?
cms/verbs-webp/102631405.webp
forgesi
Ŝi ne volas forgesi la pasintecon.
vergeten
Ze wil het verleden niet vergeten.
cms/verbs-webp/123844560.webp
protekti
Kasko supozeble protektas kontraŭ akcidentoj.
beschermen
Een helm moet tegen ongelukken beschermen.
cms/verbs-webp/120200094.webp
miksi
Vi povas miksi sanan salaton kun legomoj.
mengen
Je kunt een gezonde salade met groenten mengen.
cms/verbs-webp/104167534.webp
posedas
Mi posedas ruĝan sportaŭton.
bezitten
Ik bezit een rode sportwagen.
cms/verbs-webp/114052356.webp
bruli
La viando ne devus bruli sur la grilo.
branden
Het vlees mag niet branden op de grill.
cms/verbs-webp/125884035.webp
surprizi
Ŝi surprizis siajn gepatrojn per donaco.
verrassen
Ze verraste haar ouders met een cadeau.
cms/verbs-webp/101158501.webp
danki
Li dankis ŝin per floroj.
bedanken
Hij bedankte haar met bloemen.