Woordenlijst

Leer werkwoorden – Noors

cms/verbs-webp/88615590.webp
beskrive
Hvordan kan man beskrive farger?
beschrijven
Hoe kun je kleuren beschrijven?
cms/verbs-webp/118780425.webp
smake
Hovedkokken smaker på suppen.
proeven
De chef-kok proeft de soep.
cms/verbs-webp/120368888.webp
fortelle
Hun fortalte meg en hemmelighet.
vertellen
Ze vertelde me een geheim.
cms/verbs-webp/41019722.webp
kjøre hjem
Etter shopping kjører de to hjem.
naar huis rijden
Na het winkelen rijden de twee naar huis.
cms/verbs-webp/113253386.webp
fungere
Det fungerte ikke denne gangen.
lukken
Deze keer is het niet gelukt.
cms/verbs-webp/50772718.webp
avlyse
Kontrakten er blitt avlyst.
annuleren
Het contract is geannuleerd.
cms/verbs-webp/47241989.webp
slå opp
Det du ikke vet, må du slå opp.
opzoeken
Wat je niet weet, moet je opzoeken.
cms/verbs-webp/119913596.webp
gi
Faren vil gi sønnen sin litt ekstra penger.
geven
De vader wil zijn zoon wat extra geld geven.
cms/verbs-webp/122707548.webp
stå
Fjellklatreren står på toppen.
staan
De bergbeklimmer staat op de top.
cms/verbs-webp/30793025.webp
skryte
Han liker å skryte av pengene sine.
pronken
Hij pronkt graag met zijn geld.
cms/verbs-webp/118343897.webp
samarbeide
Vi samarbeider som et lag.
samenwerken
We werken samen als een team.
cms/verbs-webp/106279322.webp
reise
Vi liker å reise gjennom Europa.
reizen
We reizen graag door Europa.