Woordenlijst
Leer werkwoorden – Hausa
so
Ta na so macen ta sosai.
houden van
Ze houdt heel veel van haar kat.
nema
Barawo yana neman gidan.
doorzoeken
De inbreker doorzoekt het huis.
aika
Kayan aiki zasu aika min a cikin albashin.
sturen
De goederen worden in een pakket naar mij gestuurd.
gudu
Mai ta‘aziya yana gudu.
rennen
De atleet rent.
nema
Ina neman takobi a watan shawwal.
zoeken
Ik zoek paddenstoelen in de herfst.
tafi
Yara suke son tafa da kayaki ko ‘dan farko.
rijden
Kinderen rijden graag op fietsen of steps.
gaya
Ta gaya mini wani asiri.
vertellen
Ze vertelde me een geheim.
gajere
Dole ne a gajeranci abubuwan da suka shafi yara.
vereenvoudigen
Je moet ingewikkelde dingen voor kinderen vereenvoudigen.
samu
Ya samu penshan mai kyau lokacin tsofaffiya.
ontvangen
Hij ontvangt een goed pensioen op oudere leeftijd.
kashe
Ta kashe lantarki.
uitzetten
Ze zet de elektriciteit uit.
gudanar
Ya gudanar da gyaran.
uitvoeren
Hij voert de reparatie uit.