Woordenlijst
Thai – Werkwoorden oefenen
uitvoeren
Hij voert de reparatie uit.
vergeten
Ze is nu zijn naam vergeten.
branden
Er brandt een vuur in de open haard.
beschermen
De moeder beschermt haar kind.
sprakeloos maken
De verrassing maakt haar sprakeloos.
terechtkomen
Hoe zijn we in deze situatie terechtgekomen?
aankomen
Het vliegtuig is op tijd aangekomen.
bedekken
Ze bedekt haar gezicht.
melden
Iedereen aan boord meldt zich bij de kapitein.
achteruit zetten
Binnenkort moeten we de klok weer achteruit zetten.
vermelden
De baas vermeldde dat hij hem zal ontslaan.