Woordenlijst
Servisch – Werkwoorden oefenen
luisteren naar
De kinderen luisteren graag naar haar verhalen.
herhalen
Mijn papegaai kan mijn naam herhalen.
herinneren
De computer herinnert me aan mijn afspraken.
durven
Ik durf niet in het water te springen.
overtuigen
Ze moet haar dochter vaak overtuigen om te eten.
veroorzaken
Te veel mensen veroorzaken snel chaos.
aanspreken
Mijn leraar spreekt me vaak aan.
beginnen met rennen
De atleet staat op het punt om te beginnen met rennen.
vertrouwen
We vertrouwen elkaar allemaal.
serveren
De ober serveert het eten.
rondspringen
Het kind springt vrolijk in het rond.