Woordenlijst
Lets – Werkwoorden oefenen
uit elkaar halen
Onze zoon haalt alles uit elkaar!
betekenen
Wat betekent dit wapenschild op de vloer?
wachten
Ze wacht op de bus.
overnachten
We overnachten in de auto.
aankomen
Veel mensen komen op vakantie met een camper aan.
vertellen
Ik heb iets belangrijks te vertellen.
voorbijgaan
De tijd gaat soms langzaam voorbij.
doen
Dat had je een uur geleden moeten doen!
een fout maken
Denk goed na zodat je geen fout maakt!
houden van
Ze houdt echt veel van haar paard.
schrijven naar
Hij schreef me vorige week.