Woordenlijst
Turks – Werkwoorden oefenen
vechten
De atleten vechten tegen elkaar.
doorlaten
Moeten vluchtelingen aan de grenzen worden doorgelaten?
vergeten
Ze is nu zijn naam vergeten.
mengen
Verschillende ingrediënten moeten worden gemengd.
sparen
Het meisje spaart haar zakgeld.
wekken
De wekker wekt haar om 10 uur ’s ochtends.
dienen
Honden dienen graag hun baasjes.
bereiden
Er wordt een heerlijk ontbijt bereid!
sorteren
Hij sorteert graag zijn postzegels.
liggen
Ze waren moe en gingen liggen.
raden
Je moet raden wie ik ben!