Woordenlijst
Leer werkwoorden – Engels (UK)
cancel
He unfortunately canceled the meeting.
annuleren
Hij heeft helaas de vergadering geannuleerd.
chat
They chat with each other.
kletsen
Ze kletsen met elkaar.
let through
Should refugees be let through at the borders?
doorlaten
Moeten vluchtelingen aan de grenzen worden doorgelaten?
eat
The chickens are eating the grains.
eten
De kippen eten de granen.
reply
She always replies first.
antwoorden
Zij antwoordt altijd eerst.
give a speech
The politician is giving a speech in front of many students.
een toespraak houden
De politicus houdt een toespraak voor veel studenten.
waste
Energy should not be wasted.
verspillen
Energie mag niet verspild worden.
forget
She’s forgotten his name now.
vergeten
Ze is nu zijn naam vergeten.
offer
What are you offering me for my fish?
aanbieden
Wat bied je me aan voor mijn vis?
write down
She wants to write down her business idea.
opschrijven
Ze wil haar zakelijk idee opschrijven.
pass by
The two pass by each other.
voorbijgaan
De twee lopen elkaar voorbij.