Woordenlijst

Leer werkwoorden – Bosnisch

cms/verbs-webp/93697965.webp
voziti se
Automobili se voze u krugu.
rondrijden
De auto’s rijden in een cirkel rond.
cms/verbs-webp/109099922.webp
podsjetiti
Računar me podsjeća na moje sastanke.
herinneren
De computer herinnert me aan mijn afspraken.
cms/verbs-webp/40632289.webp
ćaskati
Učenici ne bi trebali ćaskati tokom časa.
kletsen
Studenten mogen niet kletsen tijdens de les.
cms/verbs-webp/70864457.webp
donijeti
Dostavljač donosi hranu.
brengen
De bezorger brengt het eten.
cms/verbs-webp/83776307.webp
seliti se
Moj nećak se seli.
verhuizen
Mijn neefje gaat verhuizen.
cms/verbs-webp/80116258.webp
procijeniti
On procjenjuje učinak firme.
evalueren
Hij evalueert de prestaties van het bedrijf.
cms/verbs-webp/104849232.webp
roditi
Uskoro će roditi.
bevallen
Ze zal binnenkort bevallen.
cms/verbs-webp/111063120.webp
upoznati
Čudni psi žele se upoznati.
leren kennen
Vreemde honden willen elkaar leren kennen.
cms/verbs-webp/129300323.webp
dodirnuti
Farmer dodiruje svoje biljke.
aanraken
De boer raakt zijn planten aan.
cms/verbs-webp/101383370.webp
izlaziti
Djevojčice vole izlaziti zajedno.
uitgaan
De meisjes gaan graag samen uit.
cms/verbs-webp/123947269.webp
nadzirati
Sve se ovdje nadzire kamerama.
monitoren
Alles wordt hier door camera’s gemonitord.
cms/verbs-webp/90287300.webp
zvoniti
Čujete li zvono kako zvoni?
rinkelen
Hoor je de bel rinkelen?