Woordenlijst
Arabisch – Werkwoorden oefenen
weglopen
Onze kat is weggelopen.
eten
Wat willen we vandaag eten?
overtreffen
Walvissen overtreffen alle dieren in gewicht.
boos worden
Ze wordt boos omdat hij altijd snurkt.
bellen
Wie heeft er aan de deurbel gebeld?
liegen
Soms moet men liegen in een noodsituatie.
rennen
De atleet rent.
moeten
Hij moet hier uitstappen.
terugkomen
De boemerang kwam terug.
verkiezen
Onze dochter leest geen boeken; ze verkiest haar telefoon.
controleren
De monteur controleert de functies van de auto.