Woordenlijst

Leer werkwoorden – Bosnisch

cms/verbs-webp/106088706.webp
ustati
Ona se više ne može sama ustati.
opstaan
Ze kan niet meer zelfstandig opstaan.
cms/verbs-webp/60395424.webp
skakati
Dijete veselo skače naokolo.
rondspringen
Het kind springt vrolijk in het rond.
cms/verbs-webp/47241989.webp
provjeriti
Što ne znaš, moraš provjeriti.
opzoeken
Wat je niet weet, moet je opzoeken.
cms/verbs-webp/123367774.webp
sortirati
Još uvijek imam mnogo papira za sortiranje.
sorteren
Ik heb nog veel papieren te sorteren.
cms/verbs-webp/38296612.webp
postojati
Dinosaurusi danas više ne postoje.
bestaan
Dinosaurussen bestaan tegenwoordig niet meer.
cms/verbs-webp/42111567.webp
pogriješiti
Pažljivo razmislite da ne pogriješite!
een fout maken
Denk goed na zodat je geen fout maakt!
cms/verbs-webp/123237946.webp
dogoditi se
Ovdje se dogodila nesreća.
gebeuren
Hier is een ongeluk gebeurd.
cms/verbs-webp/84850955.webp
promijeniti
Mnogo se promijenilo zbog klimatskih promjena.
veranderen
Veel is veranderd door klimaatverandering.
cms/verbs-webp/35071619.webp
proći pored
Dvoje prolaze jedno pored drugog.
voorbijgaan
De twee lopen elkaar voorbij.
cms/verbs-webp/78973375.webp
dobiti bolovanje
Mora dobiti bolovanje od doktora.
ziektebriefje halen
Hij moet een ziektebriefje halen bij de dokter.
cms/verbs-webp/59121211.webp
pozvoniti
Ko je pozvonio na vrata?
bellen
Wie heeft er aan de deurbel gebeld?
cms/verbs-webp/85010406.webp
preskočiti
Sportista mora preskočiti prepreku.
overspringen
De atleet moet over het obstakel springen.