Woordenlijst
Portugees (PT) – Bijwoordenoefening
erg
Het kind is erg hongerig.
‘s morgens
Ik moet vroeg opstaan ‘s morgens.
echt
Kan ik dat echt geloven?
bijna
Het is bijna middernacht.
over
Ze wil de straat oversteken met de scooter.
erop
Hij klimt op het dak en zit erop.
opnieuw
Hij schrijft alles opnieuw.
een beetje
Ik wil een beetje meer.
bijna
Ik raakte bijna!
half
Het glas is half leeg.
ergens
Een konijn heeft zich ergens verstopt.