Woordenlijst
Indonesisch – Bijwoordenoefening
meer
Oudere kinderen krijgen meer zakgeld.
al
Hij slaapt al.
nu
Moet ik hem nu bellen?
lang
Ik moest lang in de wachtkamer wachten.
alleen
Ik geniet van de avond helemaal alleen.
buiten
We eten vandaag buiten.
waarom
Kinderen willen weten waarom alles is zoals het is.
bijna
Het is bijna middernacht.
nergens
Deze sporen leiden naar nergens.
ergens
Een konijn heeft zich ergens verstopt.
morgen
Niemand weet wat morgen zal zijn.