Woordenlijst
Leer werkwoorden – Tsjechisch
zvonit
Slyšíš zvonit zvonek?
rinkelen
Hoor je de bel rinkelen?
udělat chybu
Dobře přemýšlej, abys neudělal chybu!
een fout maken
Denk goed na zodat je geen fout maakt!
zdanit
Firmy jsou zdaněny různými způsoby.
belasten
Bedrijven worden op verschillende manieren belast.
poskakovat
Dítě veselě poskakuje.
rondspringen
Het kind springt vrolijk in het rond.
tlačit
Auto se zastavilo a muselo být tlačeno.
duwen
De auto stopte en moest geduwd worden.
testovat
Auto je testováno v dílně.
testen
De auto wordt in de werkplaats getest.
dostávat
Ve stáří dostává dobrou penzi.
ontvangen
Hij ontvangt een goed pensioen op oudere leeftijd.
cítit
Často se cítí sám.
voelen
Hij voelt zich vaak alleen.
ušetřit
Na vytápění můžete ušetřit peníze.
besparen
Je kunt geld besparen op verwarming.
chlubit se
Rád se chlubí svými penězi.
pronken
Hij pronkt graag met zijn geld.
nakrájet
Pro salát musíte nakrájet okurku.
snijden
Voor de salade moet je de komkommer snijden.