Woordenlijst

Leer werkwoorden – Afrikaans

cms/verbs-webp/100565199.webp
ontbyt eet
Ons verkies om in die bed te ontbyt.
ontbijten
We ontbijten het liefst op bed.
cms/verbs-webp/50772718.webp
kanselleer
Die kontrak is gekanselleer.
annuleren
Het contract is geannuleerd.
cms/verbs-webp/47062117.webp
oor die weg kom
Sy moet met min geld oor die weg kom.
rondkomen
Ze moet rondkomen met weinig geld.
cms/verbs-webp/67624732.webp
vrees
Ons vrees dat die persoon ernstig beseer is.
vrezen
We vrezen dat de persoon ernstig gewond is.
cms/verbs-webp/120801514.webp
mis
Ek gaan jou so baie mis!
missen
Ik zal je zo erg missen!
cms/verbs-webp/90554206.webp
rapporteer
Sy rapporteer die skandaal aan haar vriendin.
melden
Ze meldt het schandaal aan haar vriendin.
cms/verbs-webp/42212679.webp
werk vir
Hy het hard gewerk vir sy goeie punte.
werken voor
Hij heeft hard gewerkt voor zijn goede cijfers.
cms/verbs-webp/60395424.webp
spring rond
Die kind spring gelukkig rond.
rondspringen
Het kind springt vrolijk in het rond.
cms/verbs-webp/88615590.webp
beskryf
Hoe kan mens kleure beskryf?
beschrijven
Hoe kun je kleuren beschrijven?
cms/verbs-webp/115291399.webp
wil hê
Hy wil te veel hê!
willen
Hij wil te veel!
cms/verbs-webp/99602458.webp
beperk
Moet handel beperk word?
beperken
Moet handel worden beperkt?
cms/verbs-webp/130938054.webp
bedek
Die kind bedek homself.
bedekken
Het kind bedekt zichzelf.