Woordenlijst

Leer werkwoorden – Hausa

cms/verbs-webp/119425480.webp
tunani
Ka kasance ka tunani sosai a ciki na shess.
denken
Je moet veel denken bij schaken.
cms/verbs-webp/79317407.webp
umarci
Ya umarci karensa.
bevelen
Hij beveelt zijn hond.
cms/verbs-webp/129244598.webp
maida
A lokacin azurfa, akwai buƙatar a maida abincin da ake ci.
beperken
Tijdens een dieet moet je je voedselinname beperken.
cms/verbs-webp/70624964.webp
farfado
Mu farfado sosai a lokacin muna gidan wasa!
plezier hebben
We hebben veel plezier gehad op de kermis!
cms/verbs-webp/105854154.webp
maida
Kwatankwacin ya maida damuwa mu.
begrenzen
Hekken begrenzen onze vrijheid.
cms/verbs-webp/82845015.webp
gaya
Duk wanda ke cikin jirgin ya gaya wa kwamando.
melden
Iedereen aan boord meldt zich bij de kapitein.
cms/verbs-webp/91930542.webp
tsaya
‘Yar sandan ta tsaya mota.
stoppen
De agente stopt de auto.
cms/verbs-webp/111160283.webp
tunani
Ta kan tunani sabo kowacce rana.
voorstellen
Ze stelt zich elke dag iets nieuws voor.
cms/verbs-webp/54608740.webp
cire
Aka cire guguwar kasa.
verwijderen
Onkruid moet verwijderd worden.
cms/verbs-webp/47802599.webp
fi so
Yara da yawa suke fi son bonboni da abinci mai kyau.
verkiezen
Veel kinderen verkiezen snoep boven gezonde dingen.
cms/verbs-webp/60395424.webp
tsalle
Yaron ya tsalle da farin ciki.
rondspringen
Het kind springt vrolijk in het rond.
cms/verbs-webp/59121211.webp
kira
Wane ya kira babban kunnuwa?
bellen
Wie heeft er aan de deurbel gebeld?